50 jaar logistiek
Van Control tower
naar Control room
Na vijftig jaar in de logistiek zie ik één constante: technologie en ketens veranderen razendsnel, maar het blijft altijd mensenwerk. De toekomst vraagt om slim samenwerken, met digitalisering als motor en duurzaamheid als kompas.
Logistiek, en meer in het bijzonder Supply Chain Management, is de kunst van integraal samenwerken (binnen organisaties en tussen organisaties in een keten) om voorspelbaarheid te verbeteren en zo klanten sneller, persoonsgericht en voordeliger te kunnen bedienen. Maar hoe zit het nu met de eigen kunst van voorspellen? In die afgelopen 50 jaar zijn regelmatig voorspellingen gedaan over de toekomst. We beoordelen een aantal rapporten op de realisatie van de verwachtingen. Eigenlijk een beetje zoals het huis van de toekomst, in 1989 opgezet door Chriet Titulaer in Den Bosch en gesloten in 1996.
1964 Arthur C. Clarke voorspelling
Mijn visie op de toekomst - Jan Scheffer
Menselijke logistiek voor een verbonden wereld - Jan Scheffer - januari 2026
De geschiedenis van logistiek is altijd een geschiedenis van verandering geweest. Taylor bracht structuur, Ford bracht schaal, en bij Philips ontstond in de jaren ’70 het denken in effectieve voorraden: niet langer produceren om te produceren, maar afstemmen op vraag en waarde. Zo groeide het vak van efficiëntie naar effectiviteit en van het verbeteren van processen naar het afstemmen van stromen.
In de vijftig jaar die volgden, ontwikkelde logistiek zich van uitvoerend vak naar een verbindende discipline. Wat begon met vracht, productie, opslag en documenten, is uitgegroeid tot een sector die economie, duurzaamheid en maatschappij met elkaar verbindt.
Maar waar de eerste decennia draaiden om organisatie en proces, zijn we in de laatste twintig jaar steeds meer van persoonlijke nabijheid naar digitale afstand gegaan. De samenleving is globaler, sneller en individualistischer geworden, met een explosieve groei van assortiment, data en keuzemogelijkheden. Social media en consumenteninspraak hebben markten transparanter gemaakt, maar ook gevoeliger voor polarisatie en emotie. In de tijd van communicatie hebben we afgeleerd om te communiceren, en dat gaan we de komende jaren herstellen.
Tegelijk groeit het besef dat klimaatverandering, verharding en verspilling geen houdbare koers vormen. Logistiek krijgt daarin een sleutelrol: het verbindt economie met ecologie, mens met planeet. Logistiek staat hierdoor aan de vooravond van haar grootste transformatie tot nu toe.
De context van morgen
De wereld is structureel instabieler geworden. Klimaatverandering, grondstoffenschaarste, migratie, technologische disruptie en geopolitieke verschuivingen zetten supply chains wereldwijd onder druk. Bedrijven bewegen van wereldwijde optimalisatie naar regionale veerkracht.
In deze realiteit is resilience geen modewoord maar een randvoorwaarde. Ecosystemen moeten schokken kunnen opvangen zonder hun samenhang te verliezen. Daarvoor is logistiek nodig die niet star is, maar lerend, verbonden en betekenisvol adaptief.
De logistieke structuur van de toekomst is voor mij Eclaire
Evolving & Connected Logistics for Adaptive, Intelligent & Responsive Ecosystems
De logistiek van morgen is geen lineaire keten meer, maar een levend en lerend netwerk. Een systeem dat meebeweegt, leert en zich aanpast, gestuurd door data, technologie en menselijke wijsheid. Technologie, vooral AI en quantum computing (DHL maakt er al gebruik van), maakt planning, scenario-analyse en besluitvorming realtime en voorspellend in complexe situaties. Organisaties worden zelfsturend en reageren direct op geopolitieke spanningen, grondstoffenschaarste of extreem weer.
Maar de kern blijft onveranderd: vertrouwen tussen mensen bepaalt of technologie werkelijk waarde toevoegt. De onderdelen die de komende jaren het kernpunt worden voor de organisatie van logistieke ketens zijn:
• Evolving — voortdurend in ontwikkeling, lerend van data, context en samenwerking;
• Connected — digitaal én menselijk verbonden, binnen en tussen organisaties;
• Logistics — logistiek als levend, samenhangend systeem dat vraag, middelen, informatie en mensen verbindt;
• Adaptive — flexibel in capaciteiten, processen en besluitvorming;
• Intelligent — gebruikmakend van AI, analytics en (straks) quantum computing;
• Responsive — in staat om realtime te reageren op verstoringen, risico’s en nieuwe mogelijkheden;
• Ecosystems — functionerend als onderdeel van grotere maatschappelijke, economische en ecologische systemen.
Eclaire is de architectuur van een nieuwe logistiek: niet gestuurd door controle, maar door samenwerking in beweging. Het is de natuurlijke evolutie na een halve eeuw aan innovaties, ervaringen en inzichten.
Klimaat en circulariteit
Transport beweegt richting volledig emissievrij: elektrische vrachtwagens, stedelijke microhubs, geautomatiseerde overslag. Op zee winnen groene brandstoffen en kernenergie terrein, in de lucht komen synthetische kerosine en elektrische short-haul vluchten dichterbij. Zelfrijdende vrachtwagens op vaste corridors verhogen benutting en veiligheid.
Succes hangt af van slim georganiseerde retourstromen en samenwerking in ketens. De vraag verschuift van produceren naar behouden:
hoe houden we waarde in het systeem, in plaats van deze telkens opnieuw te creëren? AI, samenwerking en data zullen de beladingsgraad en benutting sterk verbeteren, pas dan ontstaat de volgende sprong: logistiek als het weefsel van kringlopen.
De mens en zijn kennis
De logistieke professional van de toekomst is data-gedreven, internationaal georiënteerd en maatschappelijk bewust. Opleidingen verschuiven van procesgericht werken naar het denken in dynamische netwerken.
Nieuwe opleidingen ontstaan:
• Circular Networks
• Quantum Logistics
• Resilient Network Collaboration
De focus ligt niet langer op snelheid, maar op bewustzijn, integriteit en betekenisvolle besluitvorming. Een leven lang leren wordt geen verplichting, maar een vanzelfsprekendheid. Logistiek wordt daarmee een vak van denken, voelen en verbinden.
De essentie
Als we in 2040 terugkijken, zal blijken dat de grootste verandering niet digitaal was, maar de mens. Niet algoritmes, maar samenwerking brengt het verschil. Wijsheid gaf richting aan data. De verbinding bracht vooruitgang.
De toekomst van logistiek is Eclaire:
Evolving & Connected Logistics for Adaptive, Intelligent & Responsive Ecosystems.
Het is, voor mij, de volgende beweging in logistiek en een richting voor de jaren die komen.
Jan Scheffer – 50 jaar onderweg – januari 2026
Klik op een afbeelding voor het volledige rapport
2013 - RLI - De Nederlandse Logistiek in 2040
2013 - De Nederlandse Logistiek in 2040
Raad voor de leefomgeving en infrastructuur
Doelstelling van het rapport was de internationale positie van Nederland als gidsland voor logistiek te verstevigen. Het is tevens de positionering van het, in 2009 opgerichte, Topinstituur TKI Dinalog.
1. Groeiende mondiale concurrentie en verschuiving handelsstromen
Voorspelling (2013): De machtsbalans in de wereldhandel zou verschuiven richting Azië en opkomende markten; Nederland moest zijn mainportfunctie aanpassen aan een multipolaire wereld.
Realisatie: Uitgekomen. China is de grootste handelsmacht geworden, de Nieuwe Zijderoute is realiteit, en Rotterdam en Schiphol kregen concurrentie van Zuid-Europese en Oost-Europese havens. Nederland blijft belangrijk, maar niet meer vanzelfsprekend hét Europese distributiecentrum.
2. Digitalisering en ketenregie
Voorspelling (2013): Digitalisering, data-uitwisseling en ketenregie zouden cruciaal zijn om concurrentievoordeel te behouden. Er werd gewezen op de noodzaak van “virtuele ketens” en open platforms.
Realisatie: Klopt grotendeels. Digitalisering (o.a. Portbase, e-CMR, supply chain platforms) is een kernfactor geworden. Maar open, gezamenlijke platforms zijn beperkt; veel partijen houden data nog gesloten. De fragmentatie waar het rapport voor waarschuwde, is er nog steeds.
3. Duurzaamheid en schaarste
Voorspelling (2013): Logistiek zou sterker gestuurd worden door duurzaamheid, energie-efficiëntie en CO₂-reductie. Schaarste aan grondstoffen, ruimte en energie zou de sector dwingen tot innovatie.
Realisatie: Uitgekomen. Zero-emissie zones, strengere EU CO₂-normen, circulaire economie en schaarste aan materialen (bv. chips, metalen) zijn nu bepalend. Maar de verduurzaming van transport gaat trager dan gehoopt; vrachtverkeer draait in 2025 nog grotendeels op diesel.
4. Kwetsbaarheid van logistiek
Voorspelling (2013): Het systeem zou kwetsbaar zijn voor verstoringen (olieprijzen, geopolitiek, cyberaanvallen, natuurrampen). Er werd gepleit voor robuustheid en veerkracht.
Realisatie: Zeer accuraat. COVID-19, de oorlog in Oekraïne, het blokkeren van het Suezkanaal (Ever Given, 2021) en cyberaanvallen hebben de kwetsbaarheid zichtbaar gemaakt. Veerkracht is nu topprioriteit in supply chains.
5. Stedelijke logistiek
Voorspelling (2013): De groei van e-commerce zou stedelijke distributie enorm onder druk zetten; er zouden nieuwe concepten komen zoals hubs, elektrische voertuigen en belevering buiten piekuren.
Realisatie: Helemaal uitgekomen. E-commerce explodeerde (vooral na 2020). Stedelijke hubs (niet het succes geworden dat was verwacht), pakketkluizen, elektrische busjes en plannen voor zero-emissie stadslogistiek zijn nu dagelijkse praktijk. Toch is congestie en ruimtegebrek groter dan verwacht.
6. Arbeidsmarkt en kennisontwikkeling
Voorspelling (2013): Er zou een tekort ontstaan aan gekwalificeerd personeel, van chauffeurs tot hoogopgeleide logistieke regisseurs.
Realisatie: Volledig juist. Chauffeurstekorten zijn structureel; tegelijk is er grote vraag naar data-analisten en supply chain managers. Dit tekort remt groei en innovatie.
2013 - VLW - Sales cannibalization between bricks and clicks
2013 - Exploring prod-level sales cannibalization between bricks and clicks
VLW bijdrage in 2013 - auteurs: R. Daukuls, S. de Leeuw, W. Dullaert
1. Bulky producten verkopen relatief beter online
Voorspelling: Bulky/high-volume producten zouden sneller naar het online kanaal verschuiven omdat klanten geen zin hebben grote items te sjouwen.
Realisatie: Volledig uitgekomen.
• Grote items (meubels, witgoed, lampen, tuinspullen) worden massaal online gekocht.
• Webshops als Coolblue, IKEA, Amazon en Bol richten zich juist op bezorging van zware spullen.
• Offline winkels gebruiken “showrooming”: spullen bekijken → online bestellen.
2. Nicheproducten verkopen beter online dan offline
Voorspelling: Nicheproducten (lage offline omloopsnelheid) verkopen online 2,3× zoveel als offline, door lagere zoekkosten
Realisatie: Volledig uitgekomen
• De “Long Tail” is het dominante online model (Amazon, Bol, Etsy).
• Offline winkels kunnen niet alle nicheassortiment voeren → online wél.
• Dit past exact in het ‘search cost’-effect dat Brynjolfsson et al. (2011) beschrijven.
Deze voorspelling bleek visionair, nicheproducten zijn dé kracht van online retail geworden.
3. Prijsverschillen leiden tot kanaalverschuiving (goedkoper kanaal wint)
Voorspelling: Als het prijsverschil tussen online en offline toeneemt, verschuift de verkoop naar het goedkoopste kanaal
Realisatie: Uitgekomen.
• “Showrooming” is een groot fenomeen: mensen passen in de winkel → bestellen online voor de beste prijs.
• Prijsvergelijkingssites (Kieskeurig, Google Shopping) versterken dit enorm.
• Offline winkels hebben soms een “internetprijs” moeten invoeren.
4. Branded producten zouden minder risico hebben online (maar paper vond tegeneffect)
Voorspelling: Het team vond dat branded producten juist nóg meer richting online verschuiven, wat tegen eerdere literatuur inging
Realisatie: Gedeeltelijk uitgekomen
• Branded producten doen het online uitstekend (Apple, Nike, Lego).
• Maar: de fysieke winkel blijft relevant voor merkbeleving en retouren.
• Vooral mode en premium electronics houden sterke omni-channel koppelingen.
Conclusie: De vondst was goed, maar niet universeel.
5. Kanaal-cannibalisatie hangt sterk af van producttype (belangrijkste hypothese van de auteurs)
Voorspelling: Producteigenschappen (volume, branded, niche/mainstream) bepalen of online en offline elkaar kannibaliseren. zoals hubs, elektrische voertuigen en belevering buiten piekuren.
Realisatie: Uitgekomen: 2013 was vroeg maar later zagen we:
• Mode → sterke cross-channel effecten (veel returns, pasgedrag offline).
• Elektronica → meer online, maar offline blijft adviesrol houden.
• Home & garden → enorme online groei door bulky-effect.
Conclusie:
Dit is een sterk stuk academisch werk uit 2013. Veel van de voorspellingen en hypothesen zijn accuraat uitgekomen en sluiten zelfs aan bij omnichannel-principes die pas na 2015 massaal werden ontdekt.
2011 - Topteam Logistiek - Partituur naar de top
2011 - Partituur naar de top
Adviesrapport Topteam Logistiek
Doelstelling van het rapport was de internationale positie van Nederland als gidsland voor logistiek te verstevigen. Het is tevens de positionering van het, in 2009 opgerichte, Topinstituur TKI Dinalog.
1. Nederland nummer 1 in de World Logistics Performance Index (LPI)
Voorspelling 2011: In 2020 zou Nederland nummer 1 zijn in Europa (het stond toen 3e) .
Werkelijkheid: Nederland stond in 2018 nog op plaats 6 wereldwijd. In 2023 was Duitsland opnieuw nummer 1, Nederland zakte naar plek 7. Nederland is dus niet de nummer 1 geworden.
2. Ketenregiediensten zouden stijgen naar €10 miljard BBP in 2020
Voorspelling 2011: De bijdrage van ketenregie (control towers, supply chain finance etc.) zou verdrievoudigen naar €10 miljard.
Werkelijkheid: Er is groei geweest (met name door control towers, service logistics en supply chain finance), maar geen officiële CBS-cijfers halen dat bedrag. Schattingen plaatsen de bijdrage dichter bij €6–7 miljard in 2020. Doel dus deels gemist.
3. Beladingsgraad van transportmiddelen naar 65%
Voorspelling 2011: De beladingsgraad zou stijgen van 45% naar 65% in 2020 .
Werkelijkheid: De beladingsgraad van vrachtwagens bleef steken rond de 47–50%. Door e-commerce nam het aantal kleine zendingen juist toe. Dit doel is niet gehaald.
4. Instroom van logistieke professionals +50%
Voorspelling 2011: Het aantal afgestudeerde logistieke professionals zou 50% hoger zijn in 2020 .
Werkelijkheid: Er is wel een flinke toename geweest van HBO- en WO-logistieke opleidingen (o.a. BUas, HAN, Windesheim, Tilburg University), maar het tekort aan personeel bleef nijpend. De instroom is gegroeid, maar het doel van +50% is waarschijnlijk niet gehaald.
5. Synchromodaal vervoer en ICT-platform
Voorspelling 2011: Nederland zou leidend worden in synchromodaliteit, met a-modaal boeken en een nationaal open ICT-platform.
Werkelijkheid: Er zijn pilots geweest (bijvoorbeeld met Greenrail, Barge Terminal Venlo, Portbase), maar grootschalige toepassing bleef beperkt. Portbase is wel doorgegroeid tot hét platform voor haveninformatie, maar een echt “nationaal open ICT-platform” is nooit volledig gerealiseerd.
Conclusie
De grootste stappen zijn gezet in:
• internationalisering van ketenregie (control towers, service logistics);
• verduurzaming via Lean & Green;
• digitalisering via Portbase en e-CMR.
2011 - TNO & HCSS - Een duurzaam mobiliteitssysteem in 2025
2011 - Samen op weg naar een duurzaam mobiliteitssyteem
TNO en HCSS - Strategy & Change
Dit rapport bevat een visie op 2025, met drie “game changers” als kern van de voorspellingen. Hieronder de toets van verwachtingen aan de realiteit anno 2025:
1. Ontkoppelen van economische groei en mobiliteit
Voorspelling (2011): Door “Het Nieuwe Werken”, digitale communicatie en betere ruimtelijke ordening zou economische groei minder sterk leiden tot méér mobiliteit.
Realisatie: Dit is deels uitgekomen. Tijdens COVID-19 werd massaal thuisgewerkt, wat structureel effect heeft gehad: meer hybride werken, minder spitskilometers. Toch is de koppeling niet volledig doorbroken – vrachtvervoer en e-commerce zijn juist sterk gegroeid.
2. Slim benutten van robuuste infrastructuur met ITS
Voorspelling (2011): Intelligente Transport Systemen (ITS) zouden zorgen voor hogere benutting van infrastructuur, betere spreiding van verkeer en hogere betrouwbaarheid.
Realisatie: Uitgekomen, maar minder vergaand dan voorzien. Navigatie-apps (Google Maps, Waze) en dynamisch verkeersmanagement (bijv. matrixborden, spitsstroken) hebben de doorstroming verbeterd. Connected en coöperatieve ITS (zoals platooning) zijn nog beperkt in praktijk. Files zijn dus niet verdwenen.
3. Schoon en stil bewegen
Voorspelling (2011): De overgang naar elektrische, hybride en andere schone voertuigen zou de CO₂-uitstoot in 2025 met ruim 30% verlagen t.o.v. 2000.
Realisatie: Gedeeltelijk gelukt. Het aandeel EV’s groeit sterk sinds 2020; in 2025 is bijna 30% van de nieuwverkopen volledig elektrisch. Toch draait het gros van het wagenpark nog steeds op fossiele brandstoffen. CO₂-uitstoot uit mobiliteit is gedaald, maar lang niet zo sterk als gehoopt. Geluidsoverlast is wél verminderd door stillere auto’s en asfalt.
4. Veiligheid
Voorspelling (2011): Het aantal verkeersdoden zou dalen naar ca. 250 per jaar in 2025 dankzij actieve veiligheidssystemen (ADAS (Advanced Driver Assistance Systems), sensoren, automatische remmen).
Realisatie: Het aantal verkeersdoden ligt rond de 600 in 2024. De sterke daling stokte na 2015. Wel zijn ADAS en automatische noodrem inmiddels standaard, maar meer verkeer (fietsers, e-bikes) zorgt voor nieuwe risico’s.
5. Nieuwe mobiliteitsdiensten
Voorspelling (2011): Mobility Service Providers zouden multimodale combinaties aanbieden: van deur-tot-deur, inclusief reserveringen en afrekeningen.
Realisatie: Dit is deels uitgekomen. Mobility-as-a-Service (MaaS) platforms zijn ontwikkeld (Whim, Tranzer, NS-app), maar schaal en adoptie blijven beperkt. Veel mensen gebruiken losse apps (OV, deelauto’s, fietsen), niet één geïntegreerd systeem.
6. Leefbaarheid en zero emissie stedelijke logistiek
Voorspelling (2011): Nieuwe concepten voor stadsdistributie, bundeling en elektrische voertuigen zouden leefbaarheid verbeteren.
Realisatie: Klopt grotendeels. Zero-emissiezones worden in 2025 uitgerold in 30+ steden. E-cargobikes en elektrische bestelwagens zijn gemeengoed. Maar structurele bundeling van goederenstromen blijft achter.
2010 - ABN AMRO & NEA - Nederland als 1 logistiek netwerk in 2015
2010 - Nederland als één logistiek netwerk in 2015
ABN AMRO - NEA - TLN - Railcargo - Fenex - CBRB
Het rapport is een positioneringsdocument: sterk gericht op governance, samenwerking en netwerkdenken.
1. Verwachting: Nederland moet functioneren als één samenhangend logistiek netwerk
Voorspelling (2010): Versnippering tussen havens, regio’s, modaliteiten en beleid is een risico. Alleen door één logistiek netwerk (zeehavens + achterland + ketenpartijen + overheid) kan Nederland koploper blijven
Realisatie: Juiste analyse, onvoldoende gerealiseerd.
• Fysiek is het netwerk sterker (Betuweroute, inland terminals, extended gates).
• Governance bleef versnipperd: regio’s, havens en modaliteiten sturen nog vaak afzonderlijk.
• Geen echte “één-netwerk-regie”.
2. Verwachting: Samenwerking overheid–bedrijfsleven is cruciaal
Voorspelling (2010): Het rapport stelt dat zonder intensieve samenwerking tussen marktpartijen én overheid de netwerkambitie niet haalbaar is
Realisatie: Noodzakelijkheid bewezen, uitvoering fragmentarisch.
• Samenwerking verbeterde via Topsector Logistiek, Dinalog, Connekt.
• Maar: samenwerking blijft vaak projectmatig, niet structureel.
• Grote keuzes (ruimte, modal shift, data) blijven politiek versnipperd.
3. Verwachting: Duurzaamheid wordt een expliciete eis van verladers
Voorspelling (2010): Verladers zullen steeds nadrukkelijker duurzaamheid eisen van logistiek dienstverleners; bundeling en integratie worden belangrijker
Realisatie: Volledig uitgekomen.
• CO₂-rapportage, ESG, CSRD en zero-emissiezones zijn bepalend.
• Duurzaamheid is nu order winner geworden.
• Bundeling wordt gezocht, al blijft realisatie lastig.
4. Verwachting: Toegevoegde waarde moet verschuiven naar ketenregie
Voorspelling (2010): Nederland zou zijn logistieke positie versterken door groei van ketenregie en -configuratie (van €3 mld naar €10 mld in 2020)
Realisatie: Richting juist, impact overschat
• Ketenregie, control towers en logistieke consultancy zijn sterk gegroeid.
• Maar: veel regie is in handen van multinationals en IT-platforms buiten NL.
• De verdrievoudiging is waarschijnlijk niet volledig gehaald.
5. Verwachting: Nederland blijft Europese logistieke koploper
Doel (2010): Nederland ook na 2015 koploper laten blijven
Realisatie: Juist, maar fragieler dan toen voorzien.
• Nederland blijft top-3 logistiek land wereldwijd.
• Concurrentie (Antwerpen, Hamburg, Zuid-Europa) is sterker geworden.
• Koppositie is niet vanzelfsprekend meer.
2009 - VWS - Groei wegvervoer
2009 - Waar eindigt de groei van het wegvervoer
Verslag van een discussiebijeenkomst vanuit ministerie VWS met als deelnemer o.a. Jan Scheffer
1. Voortgaande groei van het wegvervoer
Voorspelling (2009): Wegvervoer zou nog decennia blijven groeien, gedreven door globalisering, schaalvergroting in distributie en de groei van e-commerce.
Realisatie: Klopt grotendeels. Het wegvervoer is blijven groeien tot 2019. COVID-19 zorgde tijdelijk voor een dip, maar e-commerce en pakketvervoer zorgden daarna voor extra groei. Structurele capaciteitsproblemen en personeelstekorten zijn echter een rem.
2. Capaciteitsproblemen en congestie
Voorspelling (2009): Meer verkeer zou leiden tot congestie, milieuproblemen en ruimtegebrek, vooral op de snelwegen en rond mainports .
Realisatie: Uitgekomen. Congestie is structureel een groot probleem gebleven, met name rond de Randstad en in grenscorridors. De groei van e-commerce versterkt dit effect door veel kleine zendingen.
3. Beleid en verduurzaming: CO₂ en schoner vervoer
Voorspelling (2009): Er zouden steeds strengere milieumaatregelen komen (CO₂-beprijzing, zero-emissie zones, alternatieve brandstoffen) .
Realisatie: Klopt. Nederland en EU hebben CO₂-doelen ingevoerd, er zijn zero-emissie stadszones in voorbereiding (2025–2030) en de uitrol van elektrische en waterstoftrucks is begonnen. Maar aandeel is nog beperkt; diesel domineert nog.
4. Concurrentie en modal shift
Voorspelling (2009): Er zou meer druk komen om vervoer te verschuiven naar spoor en binnenvaart (modal shift), maar dat zou lastig blijken.
Realisatie: Helemaal juist. Modal shift blijft beleidsdoel, maar aandeel spoor in NL blijft laag (~3%). Binnenvaart groeide enigszins, maar vrachtwagenvervoer blijft dominant.
5. Internationale concurrentie en Oost-Europese chauffeurs
Voorspelling (2009): Nederland zou steeds meer afhankelijk worden van Oost-Europese chauffeurs door loonkostenverschillen.
Realisatie: Klopt. Nederlandse transportbedrijven zetten massaal Oost-Europese chauffeurs in, maar dat leidde tot sociale discussie en nieuwe EU-wetgeving (Mobility Package, 2020) om oneerlijke concurrentie tegen te gaan.
6. Digitalisering en ketenregie
Voorspelling (2009): ICT en ketenregie (planningssystemen, real-time tracking) zouden cruciaal worden om capaciteit beter te benutten.
Realisatie: Klopt volledig. Digitalisering (o.a. TMS, e-CMR, platforms als Uber Freight) is standaard geworden. Toch blijft inefficiëntie groot: lege kilometers zijn nog steeds rond 25% (Nederland 2025).
2008 - Commissie van Laarhoven - Innovatieprogramma
2008- Innovatieprogramma Connekt
Commissie van Laarhoven
Doelstelling van het rapport was de internationale positie van Nederland als gidsland voor logistiek te verstevigen. Het is tevens de positionering van het, in 2009 opgerichte, Topinstituur TKI Dinalog.
1. Pan-Europese netwerken zouden de klassieke EDC’s vervangen
Voorspelling: Het rapport voorzag dat één centraal Europees Distributiecentrum (EDC) minder aantrekkelijk zou worden en plaats zou maken voor gedistribueerde netwerken met meerdere hubs.
Realisatie: Multinationals combineren tegenwoordig vaak een hoofddistributiepunt met regionale DC’s (bijv. in Centraal- en Oost-Europa). De pure “EDC in Nederland” formule is minder dominant geworden, al blijven Schiphol en Rotterdam strategische gateways.
2. Meer aandacht nodig voor klantgerichtheid, flexibiliteit en minder bureaucratie
Voorspelling: Het rapport stelde dat bedrijven last hadden van toenemende regels, gebrekkig inlevingsvermogen van overheden en traagheid in procedures.
Realisatie: Nog steeds actueel. Nederland scoort hoog in logistiek, maar ondernemers klagen structureel over “red tape” (vergunningen, arbeidsmarktregels, ARBO, douane). De signalen uit 2004 zijn dus nog altijd herkenbaar.
3. Investeren in multimodale verbindingen en achterlandinfrastructuur
Voorspelling: Het rapport benadrukte dat Nederland haar kracht alleen kon behouden met goede verbindingen naar het Europese achterland (TEN-T corridors, Betuweroute).
Realisatie: Dit is grotendeels gelukt. De Betuweroute (nu Havenspoorlijn) en verbeterde binnenvaartverbindingen hebben Nederland versterkt als achterlandhub. Wel blijven congestie op de weg en stikstofregels een belemmering.
4. Meer specialisatie in sectoren zoals healthcare, high-tech en spare parts
Voorspelling: Het rapport zag kansen voor Nederland om zich te onderscheiden door focus op specifieke sectoren.
Realisatie: Volledig uitgekomen. Nederland heeft zich onderscheiden in farmaceutische logistiek (o.a. vaccin-distributie, cold chain), high-tech (Eindhoven/Brainport, Venlo) en spare parts-logistiek (UPS, DHL hubs).
5. Concurrentie uit Oost-Europa zou toenemen, maar niet meteen doorslaggevend zijn
Voorspelling: Het rapport stelde dat lage lonen in Oost-Europa aantrekkelijk waren, maar dat West-Europa door infrastructuur en kennis voorlopig aantrekkelijk bleef.
Realisatie: Correct. Oost-Europa is gegroeid als productiebasis en regionaal DC-gebied, maar Nederland en België zijn dominant gebleven voor Europese inbound flows en high value-logistiek.
2008 - VLW - Omgaan met klimaatverandering
2008- Vervoerslogistieke Werkdagen
Paper van Cees Ruijgrok en Bart Lammers
Het is een studie die de gevolgen van klimaatverandering voor logistiek verkent, destijds nog een grotendeels onontgonnen terrein. Hieronder de belangrijkste verwachtingen en voorspellingen uit het rapport getoetst aan de realiteit van 2025.
1. Klimaatverandering beïnvloedt logistiek, maar vooral via beleid (mitigatie)
Voorspelling: De grootste impact op logistieke operaties zou niet komen van het weer zelf, maar van klimaatbeleid en CO₂-maatregelen (zoals emissieheffingen, brandstofprijzen en milieuregels).
Realisatie: Dit klopt volledig. CO₂-beleid, energietransitie en zero-emissiezones hebben de logistiek veel sterker veranderd dan extreme weersomstandigheden. Brandstofprijzen, CO₂-heffingen en emissievrije stadsdistributie bepalen in 2025 daadwerkelijk de koers van logistieke investeringen.
2. Meteorologische effecten (weer, water, hitte) zijn grotendeels operationeel op te vangen
Voorspelling: Klimaateffecten als meer neerslag, hittegolven of laagwater zouden vooral invloed hebben op operationele beslissingen (planning, routes, materieel) en minder op strategische keuzes.
Realisatie: Klopt grotendeels. Logistieke bedrijven hebben zich goed kunnen aanpassen: betere routeplanning, weersafhankelijke voorraadbeheersing en koelketenmonitoring. Alleen het laagwater op de Rijn (2018, 2022, 2023) liet zien dat sommige gevolgen structureel kunnen worden waardoor binnenvaartlogistiek wel degelijk strategische aanpassingen vraagt.
3. Nieuwe zeeroutes via de Noordpool
Voorspelling: De auteurs verwachtten dat smeltend poolijs nieuwe scheepvaartroutes tussen Azië en Europa mogelijk zou maken, wat transporttijden kon verkorten.
Realisatie: Gedeeltelijk juist. De Noordelijke zeeroute (via Rusland) is technisch bevaarbaar, maar door geopolitieke risico’s (o.a. sancties en veiligheid) blijft grootschalig gebruik uit. Slechts enkele rederijen gebruiken de route incidenteel in de zomer.
4. Binnenvaart kwetsbaar voor hoog- en laagwater
Voorspelling: Binnenvaart zou vaker te maken krijgen met periodes van hoog- of laagwater, waardoor beladingsgraad en betrouwbaarheid onder druk zouden staan.
Realisatie: Precies uitgekomen. De droogteperiodes van 2018, 2019 en 2022 zorgden voor forse beperkingen in de Rijnvaartcapaciteit en hogere transportkosten. Binnenvaartbedrijven investeren inmiddels in ondieper varende schepen en routeplanning op basis van waterpeilen.
5. CO₂-beprijzing maakt transport duurder
Voorspelling: CO₂-belastingen en milieukosten zouden transport duurder maken, wat heroverweging van productielocaties en modaliteiten zou afdwingen.
Realisatie: Juist. Brandstofprijzen en emissierechten zijn sinds 2018 sterk gestegen. Europese regelgeving (Fit for 55, ETS2) zorgt ervoor dat transportemissies vanaf 2027 daadwerkelijk beprijsd worden. Bedrijven heroverwegen ketens en kiezen vaker voor nabij-productie of spoor.
6. Resilience als adaptatiestrategie
Voorspelling: Bedrijven zouden moeten investeren in “resilience”: flexibiliteit, ketensamenwerking, transparantie en buffers om verstoringen op te vangen.
Realisatie: Dit bleek visionair. Na COVID-19 (2020), de oorlog in Oekraïne (2022) en klimaatextremen is resilience een kernbegrip in supply chain management geworden. Bedrijven bouwen meer voorraad, diversifiëren leveranciers en investeren in zichtbaarheid en samenwerking.
7. Productie dichter bij consument (re-shoring)
Voorspelling: Hogere transportkosten en risico’s zouden kunnen leiden tot productie dichter bij de eindafnemer (“regionalisering”).
Realisatie: Grotendeels juist. Sinds 2020 groeit reshoring/nearshoring, vooral in high-tech en medische producten. De combinatie van klimaatrisico’s, geopolitiek en verduurzaming stimuleert regionale ketens.
8. Klimaatverandering als strategische factor in logistiek
Voorspelling: Klimaatverandering zou een structurele factor worden in logistieke besluitvorming (locaties, modaliteit, transportkeuze).
Realisatie: Uitgekomen. Duurzaamheid en klimaatimpact zijn nu kernonderdelen van logistieke strategie, aanbestedingen en investeringsbeslissingen (denk aan CO₂-footprintverantwoording, Science Based Targets en ESG-rapportage).
2006 - GCI / Cap Gemini - The future Value Chain in 2016
2006- Rapport The future Value Chain in 2016
GCI (Global Commerce Initiative heeft een onderzoek laten doen door Cap Gemini en met medewerking van diverse top executies. Het rapport was visionair in macrotrends, maar te optimistisch over technologische doorbraken en ketenconsolidatie
1. Duurzaamheid wordt een hoofdthema in supply chains
Voorspelling: Energieschaarste, CO₂-regels, emissiebeperkingen en consumentenbewustzijn gaan de keten structureel veranderen.
Realisatie: Volledig uitgekomen
• Zero-emissie stadslogistiek.
• ESG, CSRD en CO₂-rapportage.
• Klimaatregulering stuurt ketenontwerpen.
2. De opkomst van omnichannel en thuisbezorging
Voorspelling: Home shopping zal 15–25% van alle aankopen worden in 2016 en Convenience stores worden pick-up hubs.
Realisatie: Volledig uitgekomen
• E-commerce groeit wereldwijd richting 20% van retailomzet → exact op koers.
• Pick-up punten (Bol-afhaalpunten, Albert Heijn Pick-Up, Amazon lockers) zijn volledig ingeburgerd.
• “Ship-from-store” en “click & collect” zijn essentieel.
3. Data delen, realtime zichtbaarheid en RFID
Voorspelling: Supply chains draaien op realtime zichtbaarheid, EPC/RFID en shared standards zoals GS1 en GDSN
Realisatie: volledig uitgekomen – soms zelfs sneller dan gedacht.
• RFID is mainstream in fashion, pharma en retail (o.a. Zara, Decathlon, Nike).
• GS1-standaarden zijn wereldwijd verplicht in retail en healthcare.
• Realtime dashboards, track & trace en API-ketens zijn standaard.
4. Quantumcomputers en terabyte-chips in elk device in 2016
Voorspelling: Quantum computers zullen in 2016 realiteit zijn… chips van 1 TB
Realisatie: Iets te optimistisch
• Quantum computing zit in 2025 nog in experimentele fase.
• Chips met 1 TB opslag? Nee wel 1 TB ssd in top-smartphones, maar geen CPU-chips zoals in het rapport aangegeven
• De voorspelling was technologisch te optimistisch.
5. 20–25% van alle retail via home-direct model (alles aan huis geleverd door één ‘mailman’) in 2016
Voorspelling: Geconsolideerde thuisbezorging door één sectoroverstijgende bezorger
Realisatie: Niet uitgekomen
• Wel veel bezorgdiensten, maar niet gecombineerd: boodschappen, pakketten, maaltijden. zorg → nog volledig gescheiden ketens.
• Consolidatie werd juist moeilijker door e-commerce explosie.
2005 - Stadsbox consortium - Stadsbox fase 3
2005- Stadsbox fase 3
Eindrapport stadsbox consortium
1. Gebruik van afhaalpunten (Stadsboxen) door consumenten
Voorspelling (2005): Consumenten zouden in toenemende mate pakketjes via een Stadsbox ophalen, omdat dit gemak en flexibiliteit biedt (24/7 beschikbaar).
Realisatie: Dit is grotendeels uitgekomen, maar in een andere vorm. De landelijke doorbraak kwam pas later met PostNL Pakketpunten, DHL ServicePoints en sinds 2016 de AH/bol.com en Budbee/Instabox-kluizen. Het concept werd breed geaccepteerd, maar niet onder de naam “Stadsbox”.
2. Logistieke efficiëntie door bundeling
Voorspelling (2005): Door pakketbezorging te bundelen in Stadsboxen zou het aantal ritten en stops voor vervoerders afnemen, met voordelen voor milieu, congestie en kosten.
Realisatie: De bundeling blijft beperkt. Hoewel pakketkluizen bijdragen aan efficiëntie, blijft thuisbezorging dominant (zeker in Nederland, waar consumenten dit vaak verkiezen). Het effect op het aantal ritten en congestie is dus minder groot dan gehoopt.
3. Adoptie door bedrijven en vervoerders
Voorspelling (2005): Bedrijven en vervoerders zouden massaal aansluiten op het systeem, omdat het schaalvoordelen biedt en de last mile efficiënter maakt.
Realisatie: Dit is maar deels gebeurd. Sommige vervoerders (DHL, PostNL, Budbee/Instabox) hebben hun eigen netwerken van pakketkluizen uitgerold, maar er is geen landelijke gezamenlijke standaard gekomen. Fragmentatie bleef, waardoor de schaalvoordelen beperkter zijn dan verwacht.
4. Financiële levensvatbaarheid
Voorspelling (2005): Stadsboxen zouden na een pilotfase economisch haalbaar zijn en zichzelf terugverdienen door gebruikstarieven, reclame en service-inkomsten.
Realisatie: Dit bleek moeilijk. Veel pilots sneuvelden omdat de bezettingsgraad te laag was. Pas toen e-commerce explodeerde (2015+), werden pakketkluizen rendabel. In 2025 zijn ze vooral rendabel in hoogstedelijke gebieden, niet overal.
5. Maatschappelijke voordelen
Voorspelling (2005): Stadsboxen zouden bijdragen aan minder CO₂-uitstoot, minder geluidshinder en meer leefbaarheid in steden.
Realisatie: Het principe klopt, maar de impact bleef beperkt omdat consumenten grotendeels thuisbezorging blijven kiezen. Wel passen de huidige zero-emissie zones (2025–2030) goed bij een verdere opschaling van pakketkluizen als duurzame oplossing.
2004 - NDL - Logistiek Nederland Demarreert
2004 - Nederland Distributie Land
Logistiek Nederland Demarreert
Doelstelling van het rapport was de internationale positie van Nederland als gidsland voor logistiek te verstevigen. Het is tevens de positionering van het, in 2009 opgerichte, Topinstituur TKI Dinalog.
1. Voorspelling: Pan-Europese netwerken zouden de klassieke EDC’s vervangen
Voorspelling: Het rapport voorzag dat één centraal Europees Distributiecentrum (EDC) minder aantrekkelijk zou worden en plaats zou maken voor gedistribueerde netwerken met meerdere hubs.
Realisatie: Multinationals combineren tegenwoordig vaak een hoofddistributiepunt met regionale DC’s (bijv. in Centraal- en Oost-Europa). De pure “EDC in Nederland” formule is minder dominant geworden, al blijven Schiphol en Rotterdam strategische gateways.
2. Voorspelling: Meer aandacht nodig voor klantgerichtheid, flexibiliteit en minder bureaucratie
Voorspelling: Het rapport stelde dat bedrijven last hadden van toenemende regels, gebrekkig inlevingsvermogen van overheden en traagheid in procedures.
Realisatie: Nog steeds actueel. Nederland scoort hoog in logistiek, maar ondernemers klagen structureel over “red tape” (vergunningen, arbeidsmarktregels, ARBO, douane). De signalen uit 2004 zijn dus nog altijd herkenbaar.
3. Voorspelling: Investeren in multimodale verbindingen en achterlandinfrastructuur
Voorspelling: Het rapport benadrukte dat Nederland haar kracht alleen kon behouden met goede verbindingen naar het Europese achterland (TEN-T corridors, Betuweroute).
Realisatie: Dit is grotendeels gelukt. De Betuweroute (nu Havenspoorlijn) en verbeterde binnenvaartverbindingen hebben Nederland versterkt als achterlandhub. Wel blijven congestie op de weg en stikstofregels een belemmering.
4. Voorspelling: Meer specialisatie in sectoren zoals healthcare, high-tech en spare parts
Voorspelling: Het rapport zag kansen voor Nederland om zich te onderscheiden door focus op specifieke sectoren.
Realisatie: Volledig uitgekomen. Nederland heeft zich onderscheiden in farmaceutische logistiek (o.a. vaccin-distributie, cold chain), high-tech (Eindhoven/Brainport, Venlo) en spare parts-logistiek (UPS, DHL hubs).
5. Voorspelling: Concurrentie uit Oost-Europa zou toenemen, maar niet meteen doorslaggevend zijn
Voorspelling: Het rapport stelde dat lage lonen in Oost-Europa aantrekkelijk waren, maar dat West-Europa door infrastructuur en kennis voorlopig aantrekkelijk bleef.
Realisatie: Correct. Oost-Europa is gegroeid als productiebasis en regionaal DC-gebied, maar Nederland en België zijn dominant gebleven voor Europese inbound flows en high value-logistiek.
2004 - Peter bakker i.o.v. VWS - Sneller Beter
Onderzoek 2002-2003 - Rapport 2004: Sneller Beter
I.o.v. Ministerie VWS
1. Patiëntenlogistiek – omschakeling van push naar pull
Voorspelling (2004): Met een vraaggestuurd systeem (pull) zou de patiënt centraal komen te staan, wachttijden verkorten, doorlooptijden voorspelbaar worden en de zorg beter planbaar. Verwachte besparing: €2–2,5 miljard per jaar, binnen 3–5 jaar.
Realisatie: De introductie van DBC’s (2005), later DOT, en het Elektronisch Patiëntendossier brachten meer transparantie. Wachttijden en doorlooptijden verbeterden in sommige ziekenhuizen (bv. via Lean in de zorg). Toch bleven structurele wachttijden bestaan (bv. in ggz en planbare zorg). De beloofde miljardenbesparing is nooit volledig gerealiseerd; schattingen liggen lager.
2. Goederenlogistiek – bundeling en centralisatie
Voorspelling (2004): Door bundeling van inkoop, centralisatie van magazijnen en uitbesteding aan logistieke partijen was een besparing van €150 miljoen per jaar eenvoudig haalbaar.
Realisatie: Er zijn veel gezamenlijke inkoopinitiatieven gekomen (Intrakoop, regionale samenwerkingen). Ook centralisatie en uitbesteding (bijv. C6, HL, logistieke hubs voor ziekenhuizen) zijn doorgevoerd. Toch bleef fragmentatie groot. Besparingen zijn behaald, maar waarschijnlijk niet structureel op het niveau dat TPG schetste.
3. Farmalogistiek – directe distributie
Voorspelling (2004): Groothandels en apotheken zouden logistiek overbodig worden; directe distributie via zorgverzekeraars en een Elektronisch Voorschrijfsysteem zou €700–850 miljoen per jaar besparen, binnen 2–3 jaar.
Realisatie: Dit is grotendeels niet uitgekomen. Apotheken en groothandels bleven cruciaal in de keten. Wel kwamen er pilots met herhaalmedicatie per post (Mediq Direct, online apotheken). Een landelijk EVS (Elektronisch Voorschrijfsysteem) is er niet volledig gekomen; wel het Landelijk Schakelpunt (LSP). De beloofde radicale besparing werd niet gerealiseerd.
4. Cultuur en prikkels
Voorspelling (2004): Efficiëntie moest niet van bovenaf worden opgelegd maar via positieve prikkels (ziekenhuizen belonen voor betere prestaties). Voorbeelden als het Oogziekenhuis en Duitse private ziekenhuizen (Röhn Klinikum) werden als best practice genoemd.
Realisatie: Er kwamen kwaliteitsindicatoren, benchmarks en prestatiebekostiging. Toch ervaren veel professionals het systeem als bureaucratisch en sturen op productieprikkels i.p.v. echte kwaliteitsverbetering. De cultuurverandering is slechts deels geslaagd.
5. ICT en standaardisatie
Voorspelling (2004): Elektronisch patiëntendossier en betere registratie/informatievoorziening zouden procesverbeteringen mogelijk maken.
Realisatie: EPD’s zijn breed ingevoerd (EPIC, ChipSoft HiX). Standaardisatie maakte vooruitgang, maar uitwisseling tussen systemen (interoperabiliteit) blijft een probleem. De verwachting van een naadloze informatieketen is nog niet gehaald.
2003 - SP - Meer zorg met minder bureaucratie
10 voorstellen tegen het georganiseerde wantrouwen in de zorg
Auteurs: Agnes Kant - Ineke Palm - November 2003
De kernstelling luidt:
Marktwerking, controle en wantrouwen leiden tot meer bureaucratie, hogere kosten en minder werkplezier niet tot betere zorg.
1. Bureaucratie zou verder toenemen
Verwachting 2003: Als marktwerking, DBC’s, machtigingen en verzekeraars blijven, explodeert de administratie.
Realisatie 2025: Volledig uitgekomen.
• Administratieve lasten zijn verder gegroeid.
• Zorgprofessionals besteden structureel een derde van hun tijd aan administratie.
• “Ontregel-de-zorg”-programma’s bestaan niet voor niets.
Diagnose van het rapport was spot-on.
2. DBC’s zouden méér registratie en schijntransparantie opleveren
Verwachting: DBC’s leiden tot coderen om het coderen, upcoding en strategisch gedrag niet tot echte transparantie.
Realisatie: Juist
• DBC’s → DOT → ZPM: telkens nieuwe lagen, geen echte vereenvoudiging.
• Transparantie voor patiënten bleef beperkt.
• Zorginhoud werd ondergeschikt aan registratie.
De kritiek uit 2003 leest in 2025 nog steeds pijnlijk actueel.
3. Wantrouwen richting professionals schaadt werkplezier en arbeidsmarkt
Verwachting: Meer controle → minder autonomie → uitstroom personeel.
Realisatie: Volledig uitgekomen.
• Structureel personeelstekort.
• Burn-out en uitstroom zijn groot.
• “Zeggenschap op de werkvloer” is in 2025 weer een beleidsdoel wat dit rapport al bepleitte.
4. Afschaffen van eigen bijdragen thuiszorg zou toegankelijkheid verbeteren
Verwachting: Eigen bijdragen ontmoedigen noodzakelijke zorg en leveren netto weinig op.
Realisatie: Deels.
• Eigen bijdragen zijn niet afgeschaft, maar wel gemaximeerd en aangepast.
• Toegankelijkheidsproblemen blijven, vooral voor kwetsbaren.
• Administratieve rompslomp rond CAK bestaat nog steeds.
Probleem erkend, oplossing onvoldoende.
5. Stoppen met marktwerking / terug naar regionale verzekeraars
Aanbeveling: Concurrentie tussen verzekeraars veroorzaakt bureaucratie zonder kwaliteitswinst.
Realisatie: Niet opgevolgd.
• Marktwerking is juist verdiept.
• Zorgverzekeraars zijn groter, machtiger en administratief dominant geworden.
• Tegelijk groeit nu (2020–2025) weer de twijfel over dit model.
Politiek onhaalbaar toen, inhoudelijk relevanter dan ooit.
6. Afschaffen RIO’s en machtigingen
Aanbeveling: Indicaties en machtigingen horen bij professionals, niet bij externe loketten.
Realisatie: Probleem is verschoven, niet opgelost.
• RIO’s verdwenen, maar werden vervangen door CIZ, Wmo-loketten, zorgkantoren.
• Machtigingen bestaan nog steeds, zij het in andere vormen.
De bureaucratie verplaatste zich, maar verdween niet.
1998 - SWOV - Vrachtvervoer binnen de bebouwde kom
1998 - Onveiligheid van beste- en vrachtauto’s binnen de bebouwde kom
Verwachtingen
Dit rapport bespreekt de toekomst van stedelijk vervoer en stadsdistributie in Nederland, met verwachtingen richting de 21e eeuw. Hieronder een overzicht van de belangrijkste voorspellingen en hoe ze zijn uitgekomen tot 2025.
1. Groeiende congestie en milieuproblemen
Voorspelling: Toenemende congestie en milieudruk in steden zouden dwingen tot strengere maatregelen, zoals venstertijden, milieuzones en selectieve toegang.
Realisatie: Volledig uitgekomen. Sinds 2000 kwamen venstertijden in vrijwel alle grote steden, milieuzones vanaf 2010, en nu (2025) de invoering van zero-emissiezones voor stadslogistiek.
2. Bundeling van goederenstromen
Voorspelling: Bundeling via stedelijke distributiecentra (SDC’s) zou noodzakelijk worden om efficiëntie en leefbaarheid te verbeteren.
Realisatie: De implementatie bleef achter. Er zijn wel pilots geweest (o.a. Binnenstadservice, CityDepot), maar landelijke uitrol mislukte vaak door gebrek aan schaal en samenwerking. Nu, met de zero-emissie zones, komt bundeling opnieuw hoog op de agenda.
3. Technologische innovatie
Voorspelling: Er werd verwacht dat ICT, telematica en voertuigtechnologie een grote rol zouden gaan spelen bij routeplanning, monitoring en efficiëntere stadsdistributie.
Realisatie: Helemaal uitgekomen. Digitale planningssystemen, real-time tracking, e-CMR en platforms zoals Routigo en Simacan zijn standaard geworden.
4. Alternatieve voertuigen
Voorspelling: De inzet van kleinere, schonere voertuigen (elektrisch of op alternatieve brandstoffen) zou nodig worden voor stedelijk vervoer.
Realisatie: Juist voorspeld. Vanaf 2015 nam de inzet van elektrische bestelbussen en cargobikes sterk toe. In 2025 staan elektrische voertuigen en fietslogistiek centraal in stedelijke distributie.
5. Samenwerking overheid–bedrijfsleven
Voorspelling: Stedelijke distributieproblemen konden alleen opgelost worden door samenwerking tussen gemeenten, vervoerders en verladers.
Realisatie: In de praktijk moeizaam. Veel projecten strandden op gebrek aan draagvlak of financiering. Sinds 2020 is de samenwerking toegenomen via publiek-private initiatieven rond zero-emissiezones.
6. Veranderend consumentengedrag
Voorspelling: Stijgende vraag naar leveringen aan huis en just-in-time bevoorrading van winkels zou stadsvervoer verder onder druk zetten.
Realisatie: Dit werd zelfs onderschat. E-commerce explodeerde na 2010 en vooral tijdens COVID-19. Het aandeel thuisbezorging in stedelijke logistiek is veel groter geworden dan men toen voorzag.
1994 - Handboek logistiek - Europese Eenwording
1994 - Europese eenwording
Verwachtingen in Handboek Logistiek
1. Meer global sourcing en co-makership
Voorspelling (1994): Door een grotere leveranciersmarkt zouden bedrijven vaker internationaal inkopen, met nadruk op co-makership en strategische partnerschappen.
Realisatie: Dit is uitgekomen. Global sourcing werd mainstream, met name in elektronica, automotive en mode. Co-makership groeide, maar kreeg later (na 2020) een nieuwe lading door risico’s in toeleverketens (COVID-19, geopolitiek).
2. Productiestandaardisatie en rationalisering
Voorspelling (1994): Europese harmonisatie zou leiden tot standaardisatie van producten, kortere omsteltijden, snellere doorlooptijden en kostenverlaging. Nieuwe vestigingen zouden zich vestigen op zwaartepuntlocaties in Europa.
Realisatie: Grotendeels juist. Veel sectoren (farmacie, elektronica, voeding) werken nu met geharmoniseerde EU-normen. Rationalisering leidde tot schaalvoordelen en centralisatie van productie in kernregio’s (Duitsland, Benelux, Oost-Europa). Toch bleven cultuur- en taalverschillen in consumentenproducten (bv. verpakkingen, smaken) een rem.
3. Distributiecentralisatie en opkomst Europese DC’s
Voorspelling (1994): Voorraad en magazijnen zouden centraliseren in Europese distributiecentra (EDC’s), minder in aantal maar groter in omvang. Magazijnen zouden meer value added logistics gaan bieden, zoals aanpassen van producten per markt.
Realisatie: Dit is uitgekomen. Nederland, België en Duitsland kregen vele EDC’s (bijv. in Venlo, Tilburg, Antwerpen, Hamburg). Value added logistics (etikettering, configuratie, retouren) werd standaard.
4. Transport: harmonisatie en liberalisering
Voorspelling (1994): EU-liberalisering (cabotage, technische eisen, accijnzen) zou transport goedkoper maken, met een verwachte groei van 40–80% in vervoer. Tegelijk werd congestie op de weg voorzien.
Realisatie: De liberalisering kwam er, maar transportkosten daalden niet structureel. Integendeel: congestie, brandstofprijzen en milieumaatregelen hielden de kosten hoog. Groei van transport was enorm, vooral door e-commerce. Congestie werd een groot probleem (o.a. rond mainports).
5. Branchespecifieke voorspellingen
Consumentengoederen: Centralisatie van inkoop en productie, meer ketenintegratie, groeiende macht van detaillisten
Realisatie: Juist. Grote retailers (Carrefour, Ahold, Lidl) kregen dominante macht in supply chains.
ICT-industrie: Kortere levenscycli, centralisatie van magazijnen, pan-Europese transporteurs (UPS, DHL)
Realisatie: Precies zo gebeurd. UPS, DHL en FedEx domineren pan-Europese distributie.
Procesindustrie: Centralisatie van voorraden, milieu- en recyclingdruk, harmonisatie in farmacie.
Realisatie: Uitgekomen, met sterke nadruk op duurzaamheid en REACH-regelgeving.
Auto-industrie: Lean productie, JIT, pan-Europese logistieke afdelingen.
Realisatie: Juist. Toyota, VW, Stellantis en anderen werken met pan-Europese supply chains, lean/JIT is standaard (al onder druk na COVID).
1989 - Chriet Titulaer - Huis van de toekomst
1989 - Europese eenwording
Chriet Titulaer
1. Domotica en slimme huizen
Voorspelling (1989): Het huis zou vol zitten met slimme systemen die verlichting, verwarming en beveiliging automatisch regelen.
Realisatie: Helemaal uitgekomen. Smart homes zijn mainstream: slimme thermostaten (Nest), verlichting (Philips Hue), spraakassistenten (Google Home, Alexa). Het is normaler dan ooit dat huizen deels geautomatiseerd zijn.
2. Communicatie en beeldtelefoon
Voorspelling: Iedereen zou via beeldtelefonie direct contact kunnen maken met anderen.
Realisatie: Precies zo gebeurd, maar niet via vaste apparaten in huis. Skype, Zoom, Teams en FaceTime zijn wereldwijd ingeburgerd, zeker sinds COVID-19.
3. Werken en leren op afstand
Voorspelling: Mensen zouden meer vanuit huis werken en leren dankzij computers en telecommunicatie.
Realisatie: Juist. Vooral sinds COVID-19 is hybride werken en online onderwijs een realiteit geworden. Dit was visionair.
4. Energie en duurzaamheid
Voorspelling: Huizen zouden grotendeels zelfvoorzienend worden, met zonnepanelen en energiebesparende technologie.
Realisatie: Dit klopt voor een groot deel. In 2025 zijn zonnepanelen wijdverspreid, warmtepompen in opkomst en nieuwe huizen bijna energieneutraal. Toch zijn we nog niet volledig zelfvoorzienend.
5. Gezondheid en voeding
Voorspelling: Slimme koelkasten zouden zelf bijhouden wat er in zit en bijbestellen wat op is. Gezondheid zou via meetapparatuur in huis gemonitord worden.
Realisatie: Dit is deels uitgekomen. Slimme koelkasten bestaan, maar zijn geen massaproduct. Wel dragen veel mensen wearables (Apple Watch, Fitbit) die gezondheid monitoren. Online boodschappen (AH, Picnic) zijn mainstream.
6. Robotisering
Voorspelling: Robots zouden veel huishoudelijke taken overnemen.
Realisatie: Dit is beperkt uitgekomen. Robotstofzuigers en -grasmaaiers zijn normaal, maar een volledige huishoudrobot bestaat nog niet.
7. Beeldschermen en multimedia
Voorspelling: Grote schermen in huis voor entertainment en informatievoorziening.
Realisatie: Helemaal uitgekomen. Flatscreens en streamingdiensten (Netflix, YouTube) zijn overal aanwezig.
Kijk op het jaar 2000 in de jaren ’60 en '70
Het Jaar 2000 zoals wij dachten dat het zou zijn in de jaren 60 en 70 van de vorige eeuw
Voorspellingen uit de jaren ’60, ’70 en ’80 — mét bron én de werkelijkheid ernaast.
Hier komt de luchtige spiegel van de serieuze analyses hierboven.
1. Iedereen een vliegende auto
Bron: Popular Science (1960–1967); Ford- en GM-conceptfilms.
Voorspelling: In 2000 vlieg je vanaf de oprit naar je werk.
Werkelijkheid: We stonden vast op de A2. Niet in de lucht, maar op de linker rijstrook.
2. Robots nemen het hele huishouden over
Bron: Isaac Asimov (1964); Honeywell; BBC Tomorrow’s World (1970s).
Voorspelling: Robots koken, wassen, strijken en stofzuigen.
Werkelijkheid: In het jaar 2000 hadden we een robotstofzuiger en een vaatwasser
3. Het papierloze kantoor
Bron: Business Week (1975); Xerox PARC (1977).
Voorspelling: In 2000 bestaat er geen papier meer.
Werkelijkheid: Er wordt nog veel “voor de zekerheid” uitgeprint
4. Voedsel in pilvorm
Bron: Life Magazine (1962); NASA Food Studies (1960–1975).
Voorspelling: Maaltijden verdwijnen, we slikken capsules.
Werkelijkheid: Pizza, stamppot en friet (of patat) bleven onaangetast door de toekomst.
5. Contact met buitenaards leven
Bron: SETI (1961–1972); NASA (1968); BBC Horizons (1977).
Voorspelling: “Rond 2000 weten we of we alleen zijn.”
Werkelijkheid: Geen aliens.
6. De automatische stad
Bron: Herman Kahn (1967); Bell Labs (1969); Mechanix Illustrated (1968).
Voorspelling: Steden die zichzelf aansturen via sensoren.
Werkelijkheid: De meest geavanceerde stadsfunctie was het parkeerdek dat nét niet vol was.
7. Het zelfopmakende bed
Bron: Whirlpool Miracle Kitchen (1959); GE Home of 2000 (1967).
Voorspelling: Het bed maakt zichzelf op zodra je opstaat.
Werkelijkheid: Helaas, jammer
8. Geur-tv
Bron: Smell-O-Vision (NBC, 1960); Disney prototypes; Popular Mechanics (1972).
Voorspelling: Wanneer je eten op tv ziet, ruik je het ook.
Werkelijkheid: Geen geur, en soms is dat maar goed ook
9. Winkelen via videotelefoon
Bron: AT&T Picturephone (1964–1970); Sears Future Concepts (1975).
Voorspelling: Product zien → knop indrukken → thuisbezorgd.
Werkelijkheid: Bol.com, Coolblue, Thuisbezorgd waren net (1999) gestart
10. Zelfreinigende kleding
Bron: DuPont Future Fabrics (1967); NASA Apollo textile studies.
Voorspelling: Je hoeft nooit meer te wassen.
Werkelijkheid: De wasmand is nog steeds een soort Bermuda-driehoek voor sokken.
1967 - Kahn & Wiener - The year 2000
Toetsing van “The Year 2000” (Herman Kahn & Anthony Wiener, 1967)
In 1967, midden in de Koude Oorlog, vóór internet, vóór de PC, verschenen bijna honderd harde voorspellingen over het jaar 2000. Een unieke kans om te toetsen hoe goed het verleden in de toekomst kon kijken.
Hieronder de resultaten.
1. Technologie & Communicatie
Wereldwijde computernetwerken
Voorspelling: Mensen en bedrijven communiceren via digitale netwerken.
Werkelijkheid 2000: Internet is mainstream; e-mail en websites bepalen het dagelijks werk.
De persoonlijke computer
Exact uitgekomen: de PC werd een huishoudartikel.
Perfecte automatische vertaalsystemen
Betrouwbare computervertalingen stonden nog aan de start in het jaar 2000
Telemedicine en tele-education
Aanwezig, maar nog beperkt. Pas na 2020 doorgebroken.
2. Arbeid & Samenleving
De 20-urige werkweek
In 2000 werkten we juist meer, niet minder.
Grote deelname van vrouwen aan de arbeidsmarkt
Exact voorspeld en zelfs sterker dan verwacht.
Levenslang leren
Volledig uitgekomen.
Het volledig geautomatiseerde huis
Domotica stond nog in de kinderschoenen. Inmiddels wel robotstofzuigers, en nog veel meer.
3. Economie & Globalisering
Explosieve groei internationale handel
Containers, globalisering, supply chains: volledig raak.
Opkomst Aziatische economieën
Japan, Korea, Singapore, Taiwan, India sterke groeiblokken.
Economische kracht van communistische landen blijft gelijk
De val van de Sovjet-Unie veranderde alles.
4. Energie & Milieu
Milieu als maatschappelijk thema
Vanaf de jaren ’90 duidelijk zichtbaar.
Kernenergie als dominante energiebron
Maatschappelijke weerstand en ongelukken (o.a. in Japan) beperkten groei.
5. Mobiliteit & Logistiek
Volautomatische snelwegen
Cruise control was futuristisch genoeg.
Mondiale supply chains
Dé logistieke revolutie van de jaren ’90.
Supersonisch massavervoer
De Concorde bleef niche en werd in 2003 uitgefaseerd.